woensdag 26 juli 2017

Pindasoep van Ronald Giphart

In de bijlage van zaterdageditie van het AD las ik een stukje van Ronald Giphart over Dinsdagse pindasoep met daarbij een recept van zijn eigen variant van pindasoep.  Dit recept heb ik nagemaakt (en iets aangepast) en ik moet zeggen het smaakte heerlijk. Wel weer veel ingrediënten nodig (sorry), maar de soep makkelijk en snel te maken.

Ingrediënten voor ca. 2 liter soep

  • 2 eetlepels olie
  • 1,8-2 liter kokend water
  • 2 stengels bleekselderij
  • 1 ui
  • 3 teentjes knoflook
  • 1 rode peper
  • stukje verse gember
  • 1 theelepel kerriepoeder
  • 2 theelepels ketoembar
  • 1 prei
  • 1 zakje fijne soepgroenten (250 gram)
  • 1 stengel citroengras
  • 2 laurierblaadjes
  • 1 eetlepel vissaus
  • 3 eetlepels palmsuiker (of bruine suiker)
  • 3 eetlepels ketjap manis
  • 3 maggiblokjes of 1½ bouillonblok (groot) 
  • 1 pot pindakaas (350 gram)
  • 1 eetlepel sambal badjak
  • 2 dl kokosmelk
  • sap van halve citroen
  • zout 
  • vers gemalen peper
  • paar handjes ongezouten pinda's
  • 1 bosuitje
  • 125 gram taugé


Bereiding:
We beginnen met het schil-, hak-, rasp- en snijwerk. Schil de stengels bleekselderij en snijd ze in dunne plakjes. Pel en snipper de ui. Pel de knoflooktenen en hak ze fijn. Verwijder de zaadjes en zaadlijsten van de rode peper. Hou je van pittig laat ze dan vooral zitten. Hak de rode peper in dunne reepjes. Rasp de gember. Snijd de prei in ringen. Kook alvast 2 liter water in de waterkoker.
Verhit in een soeppan de olie en bak hierin de gesnipperde ui, de plakjes bleekselderij, de rode peper en de knoflook zachtjes op middelhoog vuur. Voeg de geraspte gember samen met de kerriepoeder en de ketoembar toe. Eventjes meebakken, zodat de smaken goed vrij komen. Bak vervolgens de prei en de soepgroenten 1 minuutje mee. Voeg dan het gekookte water toe, gevolgd door het citroengras, de laurierblaadjes, de vissaus, de palmsuiker, de ketjap manis, de sambal badjak en de maggi- of bouillonblokjes. Laat de soep 10 minuten zachtjes koken. Na 10 minuten voegen we de pindakaas toe en laten de soep nog 5 minuten zachtjes koken. Haal dan de laurierblaadjes en het citroengras uit de soep. Pureer nu de soep met een staafmixer tot een gladde soep. Roer er als laatste de kokosmelk en het citroensap door. Breng de soep op smaak met zout en versgemalen peper.
Spoel de taugé goed schoon en dompel ze kort onder in kokend water. Hak het bosuitje in dunne ringetjes. Hak de pinda's grof.
Serveer de soep in kommen en garneer met wat taugé, bosui en grof gehakte pinda's.

Eet smakelijk!

Bron: aangepast recept van Ronald Giphart uit het AD van 15 juli 2017


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen